Hoe breed is een deur? Een binnendeur is vaak 73, 83 of 93 cm breed. Welke maat je nodig hebt, hangt af van het kozijn en het type deur. Ook voordeuren zijn er in verschillende breedtes, terwijl dubbele deuren en deuren met een zijlicht samen meer ruimte innemen.
De genoemde maten gaan meestal over de breedte van het deurblad: het deel dat open en dicht gaat. De breedte van het kozijn of de vrije doorgang is een andere maat.
Hoe breed is een deur in een woning?
Bij binnendeuren kom je verschillende standaardbreedtes tegen. De volgende maten zijn herkenbare voorbeelden:
- 73 cm: een smallere deur, die je bijvoorbeeld in oudere woningen kunt tegenkomen.
- 83 cm: een gangbare breedte voor een binnendeur.
- 93 cm: een bredere binnendeur, met meer ruimte om te passeren.
Er zijn ook andere standaardmaten en deuren op maat. De leeftijd van je woning geeft daarom hooguit een aanwijzing. Ook binnen één woning kunnen de deuren verschillen, bijvoorbeeld tussen een slaapkamer en een toilet.
Een deur van 83 cm is niet automatisch de gemiddelde deurbreedte. Het is wel een bruikbare maat om je een voorstelling te maken van een gewone binnendeur.
Hoe breed zijn een voordeur en een dubbele deur?
Voor een voordeur bestaat niet één vaste breedte. Net als bij binnendeuren zijn er verschillende maten en kan een deur op maat worden gemaakt. Vooral bij oudere huizen kan de opening afwijken van de maten die tegenwoordig veel worden verkocht.
Een voordeur met een zijlicht, een vast raam naast de deur, lijkt breder dan het deurblad zelf. Voor de breedte van de hele entree tel je ook het zijlicht en het kozijn mee. Die totale maat zegt dus niet hoeveel ruimte je hebt om door de open deur te lopen.
Bij een dubbele deur bestaat de opening uit twee deurbladen. Zijn beide bladen bijvoorbeeld 83 cm breed, dan zijn ze samen 166 cm breed. De totale kozijnmaat is groter en de vrije doorgang kan anders uitvallen. De twee deurbladen hoeven ook niet even breed te zijn.
Deurbreedte, kozijnbreedte en vrije doorgang
Bij het vergelijken van maten helpt het om drie dingen uit elkaar te houden:
- Deurbreedte: de breedte van het deurblad zelf.
- Kozijnbreedte: de breedte van het frame rond de deur.
- Vrije doorgang: de ruimte die overblijft om doorheen te lopen als de deur openstaat.
Voor het vervangen van een deur heb je vooral de maat van het deurblad of de opening in het kozijn nodig. Wil je weten of een rolstoel of een meubelstuk erdoor past, dan is juist de vrije doorgang van belang. Die kan kleiner zijn dan het deurblad, bijvoorbeeld doordat de geopende deur of het beslag ruimte inneemt.
Voor bouwregels telt vaak de vrije doorgang en niet alleen de opgegeven deurbreedte. De eisen hangen af van de situatie, zoals nieuwbouw of een bestaande woning.
Zo meet je de breedte van je deur
Meet bij een bestaande deur het deurblad op van de ene zijkant tot de andere. Meet bovenaan, in het midden en onderaan. Zo zie je ook of de deur overal even breed is. Meet niet alleen het glas of een paneel in de deur.
Meet je het kozijn omdat de deur ontbreekt? Neem dan de opening boven, in het midden en onder op. Noteer de uitkomsten en het type deur. Bij een opdekdeur valt een rand van de deur deels over het kozijn, bij een stompe deur valt het blad helemaal in het kozijn. Daardoor gebruik je de kozijnmaat niet zonder meer als bestelmaat.
Schrijf bij je meting op of die over het deurblad, het kozijn of de vrije doorgang gaat. Zo voorkom je dat je een deur van 83 cm verwart met een doorgang van 83 cm.



